|
Kenmerken : De houtduif wordt 41 cm lang en is groter dan de tamme duiven. De kleur is blauwgrijs met een witte halsvlek. Deze vogel heeft een rode snavel met witachtige neuswratten. De punt van de snavel is geel en de poten zijn rood.
Habitat : De houtduif komt voor in parklandschappen, in gesloten en open bossen, aan de randen van parken, in tuinen en in steden. De houtduif leeft in grote groepen, dikwijls samen met de holenduif. Hij komt zeer algemeen voor in België en Nederland.
Voedsel : Het voedsel van de houtduif bestaat uit allerlei zaden, granen, bessen, knoppen, wormen en koolbladeren (koolduif).
Broeden : Het nest wordt gemaakt op verschillende hoogten in bossen en struiken, soms zelf op de grond; in de steden op de daken van huizen. Het is een los bouwwerk van takjes en twijgen. Er liggen meestal glanzend witte eieren in, die in 16 dagen door de houtduif wordt uitgebroedt. De houtduif broedt minstens 2 maal per jaar. Hij broedt in geheel Europa beneden de Poolcirkel en in West-Siberië, Klein-Azië en het Midden-Oosten. In de winter verblijft hij graag in West- en Zuid-Europa. In Nederland en België is de houtduif overwinteraar en wintergast.
|
|