|
Kenmerken : De appelvink wordt ongeveer 18 cm lang en is te herkennen aan zijn enorm dikke, driehoekige snavel. Ook de kop en hals zijn erg dik. De kop is geelbruin, de rug en schouders zijn warmbruin. De nek is grijs en de stuit is grijsgeelbruin. De staart van de appelvink is donkerbruin met een witte rand. De snavel is loodblauw en de poten zijn lichtbruin.
Habitat : De appelvink leeft vooral in boomgaarden, in park landschappen, in loofbossen en gemengde bossen, in parken en tuinen.
Voedsel : Het voedsel van de appelvink bestaat uit kerse- en pruimepitten, beukenootjes, bessen, appelpitten, zaden en soms ook insecten.
Broeden : In Nederland en in België is de appelvink een schaarse broedvogel. Het nest van de appelvink is vrij klein en plat. Het is vanbinnen gevoerd met veertjes en pluisjes. De appelvink legt 4 tot 5 eieren, die grijsgroen tot blauw met donkerbuine vlekjes zijn. Het broedgebied omvat geheel Europa, Zuid-Rusland, West-Siberië, Kaukasus en Perzië.
Video : Bekijk hier een video van de appelvink.
|
|